Eigen IT Team

Zo haalt u Indiase medewerkers naar Nederland

Wilt u Indiase werknemers in dienst nemen? Of Indiase medewerkers tijdelijk naar Nederland halen om hen hier te laten meewerken op uw projecten? Dan moet u zich bij de IND laten erkennen als referent. Dat werkt zo.

Visa voor werknemers uit India

Een referent is een persoon of organisatie die belang heeft bij het verblijf van een vreemdeling in Nederland. Wanneer u een buitenlandse werknemer aanneemt bent u de referent voor deze werknemer. U kunt voor meerdere werknemers tegelijk referent zijn.

Voordelen erkenning

Als werkgever kunt u zich bij de IND laten erkennen als referent. Erkenning als referent heeft een aantal voordelen:

  • De IND behandelt uw aanvragen sneller: op een volledig ingediende aanvraag wordt meestal binnen 2 weken beslist.

  • Minder bewijsstukken: u hoeft minder bewijsstukken mee te sturen met de aanvraag. Een eigen verklaring dat de werknemer voldoet aan de voorwaarden is meestal voldoende.

  • U kunt gebruik maken van een speciaal e-mailadres bij vragen.

  • U kunt gebruik maken van het Portaal Zakelijk voor het indienen van digitale aanvragen.

Kennismigranten en onderzoekers uit India
Om kennismigranten en onderzoekers in dienst te nemen, moet uw organisatie zijn erkend door de IND. Om erkend te worden als referent moet uw organisatie een betrouwbare partner zijn voor de IND. Na erkenning wordt uw organisatie vermeld in het openbaar register erkende referenten. Een erkenning is gekoppeld aan een rechtspersoon met bijbehorend KvK-nummer. 

Uitzonderingen
Erkenning is niet verplicht voor het in dienst nemen van buitenlandse werknemers voor overplaatsing binnen een onderneming (Richtlijn Intra Corporate Transferees 2014/66/EU), arbeid in loondienst, Europese blauwe kaart, lerend werken en seizoenarbeid. Een niet-erkende referent is wel verplicht om op grond van zijn informatieplicht wijzigingen aan de IND door te geven.

Voorwaarden
Om erkend referent te worden, moet u voldoen aan een aantal voorwaarden. Er is een aantal voorwaarden dat geldt voor alle erkende referenten. Wilt u erkenning aanvraag voor het in dienst nemen van onderzoekers volgens richtlijn (EU) 2016/801, dan gelden daarnaast één van de volgende aanvullende voorwaarden:

  • Uw instelling is een publieke onderzoeksinstelling zoals bedoeld in artikel 1d, eerste lid, onder b, Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen en hanteert functieprofielen onder de functiefamilie 'onderzoek en onderwijs' voor onderzoekers in loondienst.

  • Uw instelling is een publieke onderzoeksinstelling en is opgenomen in de bijlage bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

  • Uw instelling is een particuliere onderzoeksinstelling die is opgenomen in het National Academic Research and Collaboration System (Narcis).

  • Uw instelling is een particuliere onderzoeksinstelling waaraan een S&O-verklaring (Speur- en Ontwikkelingswerk) is afgegeven op grond van de Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen.

Voor de erkenning voor arbeid zijn geen aanvullende voorwaarden.

Kosten
De aanvraag erkenning als referent kost € 3927. In het geval dat uw onderneming een start-up of een kleine onderneming met maximaal 50 personen is bedrgaen de kosten voor erkenning als referent € 1963.

Meer weten: https://ind.nl/werk/werkgever/Paginas/Erkenning_als_referent.aspx

Decos exporteert makkelijker naar India dan naar Duitsland

 

Terwijl de innovatieve softwarebouwer Decos nauwelijks voet aan de grond krijgt in onze buurlanden, slaagt het bedrijf uit Noordwijk er wel in om Indiase klanten binnen te halen. CEO Paul Veger: “Geduld in Duitsland is duurder dan in India.”

Kantoor van Decos in India (foto Decos)

Kantoor van Decos in India (foto Decos)

Slimme stap

Paul Veger is een veelgevraagd spreker over innovatie, zelfsturende teams en papierloos werken, maar over India spreekt de CEO van Decos maar zelden. “Jammer,” vindt hij zelf, “want India is misschien wel de slimste stap die het bedrijf ooit genomen heeft.” Veger stuit eind jaren negentig op een probleem waar ook nu veel bedrijven tegenaan lopen: een chronisch tekort aan personeel. “India,” denkt hij als hij op een ochtend wakker wordt. “Misschien moet ik dat eens onderzoeken.”

Dankzij onze Indiase vestiging hebben we nu geen probleem om goed personeel te vinden.

Kantoor in India

De ondernemer besluit in India te gaan kijken. Hij laat naar tevredenheid een proefproject uitvoeren en krijgt collega Roel Noort enthousiast voor het Indiase avontuur. Noort verhuist naar de Indiase stad Pune waar hij het kantoor voor Decos opzet en drie jaar leidt. “We willen liever niet samenwerken met een Indiase tussenpartij,” zegt Veger. “De meeste Indiase bedrijven zijn vrij hiërarchisch, terwijl wij in Noordwijk zonder managers werken. We willen ons eigen bedrijf opzetten zodat we ook onze eigen bedrijfscultuur kunnen creëren. Ook willen we dat onze mensen in India beschikken over fatsoenlijke werkplekken en goede apparatuur – net als bij ons in Noordwijk.”

Paul Veger, CEO Decos (foto: Decos)

Paul Veger, CEO Decos (foto: Decos)

Complete technische teams in India

Na drie jaar draait het kantoor in India op rolletjes, keert Noort huiswaarts en neemt een Indiase directeur de dagelijkse leiding over. Anno 2018 heeft Decos ruim honderd man in dienst in India. Dat zijn niet zo maar simpele codekloppers. “Bij veel projecten zit de technical architecten de technical leadook in India. De product owners, medewerkers die het contact met de klant onderhouden, zitten vaak wel in Nederland. Maar voor Indiase klanten natuurlijk niet. Dan hebben we gewoon Indiase product owners. Dan hebben zij een cultuurvoordeel.”

India als tweede thuismarkt 

Het aantal Indiase klanten neemt sinds twee jaar toe. “Eerder hebben we geprobeerd om onze software oplossingen aan gemeenten in Duitsland, België en het Verenigd Koninkrijk te verkopen, maar dat bleek ontzettend lastig en tijdrovend. De concurrentie is groot en een goed technisch salesteam in die landen kost handenvol geld. In India zitten we toch al, dus daar hoeven we niet extra te investeren om sales te doen. We hebben rustig de markt verkend, relaties gelegd en inmiddels begint de verkoop op stoom te komen.”

Via India krijgen we nu ook orders uit de VS.

Indiase gemeenten helpen digitaliseren

De groei van Decos in India is mede te danken aan het digitaliseringsbeleid van premier Modi, stelt Veger. “India staat bekend om de enorme bureaucratie, maar Modi wil dat het land mee gaat met de tijd. Hij stimuleert digitalisering van de Indiase overheid zeer actief. In Nederland zijn wij marktleider op dat gebied, dus met onze software oplossingen kunnen we Indiase gemeenten echt helpen om een enorme sprong voorwaarts te maken. Wist je dat er drieduizend grote gemeenten zijn in India? Voor ons is India de grootste groeimarkt ter wereld. En, het mooiste is, we hebben nauwelijks serieuze concurrenten in India.”

Kantoor van Decos in India (foto: Decos)

Kantoor van Decos in India (foto: Decos)

Tenders winnen

Hoe doet Decos dat dan, verkopen aan Indiase gemeenten? “Dat loopt allemaal via tenders,” zegt Veger. “Dat is een voordeel, want dat maakt het proces transparant. Zelf kunnen we overigens niet inschrijven op die tenders, want daarvoor gelden stevige criteria, zoals een minimale bedrijfsgrootte en een hoge minimale jaaromzet. Daarom werken we met partners zoals de Japanse multinational NEC en het ERP-systeem IPS. Zij nemen onze producten mee in hun aanbod aan gemeenten.”

Springplank

Die tendertrajecten kunnen best lang duren, erkent Veger. “Verkopen aan de overheid gaat nergens ter wereld snel. Ik houd me vast aan de stelregel dat wanneer klanten er lang over doen om met je in zee te gaan, ze ook langs bij ons blijven. Doordat wij er vroeg bij zijn in India, kunnen we marktleider worden. Bovendien is het land een springplank naar de rest van de wereld. We krijgen nu via India orders binnen uit de Verenigde Staten. Dat is ons vanuit Nederland nooit gelukt.”

 

Brabants ingenieursbureau vindt broodnodig personeel in India

 

Wie technisch personeel tekort komt, is in India aan het juiste adres. Ingenieursbureau Van Boxsel richtte al in 2004 haar eigen vestiging in India op en plukt daar nu de vruchten van.

Eigenaar Willem van Boxsel (foto: Van Boxsel)

Eigenaar Willem van Boxsel (foto: Van Boxsel)

Kennis in huis houden

Bedrijven die op projectbasis werken of actief zijn in een zeer conjunctuurgevoelige markt hebben allemaal hetzelfde probleem: ze hebben altijd te veel of te weinig goede mensen om het werk uit te voeren. “Flexibele krachten hebben niet dezelfde commitment als vaste mensen,” zegt Willem van Boxsel, eigenaar van ingenieursbureau Van Boxsel uit Oosterhout. “Outsourcen doe je ook liever niet, want je wilt de kennis in huis houden.” 

Vestiging in India

Op zoek naar de perfecte oplossing, komt Van Boxsel in 2004 in India terecht, waar hij besluit een eigen vesting op te zetten. Via een Nederlands architectenbureau dat in Delhi dan al een vestiging heeft, vindt Van Boxsel snel personeel. “Binnen een paar maanden waren we operationeel en een jaar later liep de Indiase afdeling gesmeerd.” Ondertussen richtte de ondernemer zijn eigen Indiase private limitedop, het equivalent van de Nederlandse BV. Zodra dat geregeld was, traden zijn Indiase medewerkers in dienst van Van Boxsel Engineering Pvt Ltd in Delhi. 

Indiase zakencultuur

Om hun Indiase personeel in te werken, stuurt Van Boxsel een medewerker naar Delhi. Die medewerker, Bob van Gils, gaat aanvankelijk voor een jaar naar hoofdstad New Delhi, maar woont en werkt daar inmiddels nog steeds. “Van Gils is getrouwd met een Indiase vrouw en het ziet er niet naar uit dat hij nog terug naar Nederland komt,” vertelt Van Boxsel. Goed voor de zaak is het ook. “Met dank aan zijn vrouw hebben we de Indiase zakencultuur beter leren begrijpen.”

Tekenwerk in India

Hoe werkt dat dan, met zo’n club ingenieurs aan de andere kant van de wereld? “Ontwerpen op afstand is niet handig,” vertelt Van Boxsel. “In de ontwerpfase wil je alle betrokken partijen bij elkaar om de tafel hebben. Maar daarna kunnen tekeningen prima worden uitgewerkt in India. Ook rekenwerk kan daar worden verricht. In totaal wordt 80% van ons werk nú in Nederland uitgevoerd en 20% in India.”

Klanten in India 

Aanvankelijk voert het Indiase kantoor van Van Boxsel alleen tekenwerk uit voor Nederlandse klanten, maar wanneer de crisis inslaat, begint Van Boxel zich ook te oriënteren op de Indiase markt. “Eerst probeerden we te concurreren met lokale ingenieursbureaus, maar dat was gedoemd te mislukken. In die markt konden we ons niet onderscheiden. In India wordt er waanzinnig veel gebouwd, maar bouwers hebben grote moeite om gebouwen op tijd op te leveren. Er zijn ook veel onafgebouwde gebouwen. Omdat we veel ervaring hebben met prefab betonbouw – waarmee je makkelijker kunt plannen, de kosten beter kunt beheren en minder mensen nodig hebt – besloten we om deze bouwmethode actief te gaan promoten in India” (hieronder een van de projecten van Van Boxsel in Bangalore).

Verkopen in India

Dat blijkt een schot in de roos: plots gaat de telefoon op het Indiase kantoor rinkelen. “In het begin wilden potentiele klanten vooral gratis advies. Dat doe je een paar keer, maar toen  we merkten dat daar niks uitkwam zijn we haalbaarheidsstudies gaan verkopen aan projectontwikkelaars. Daar zijn vervolgvragen uit voortgekomen en inmiddels hebben we verschillende gebouwen neergezet in India. 50% van onze totale omzet van onze Indiase vestiging komt tegenwoordig uit India.”

Nieuwe afzetmarkt

Van Boxsel zette de stap naar India om zijn personeelstekort op te lossen, maar heeft in dat land nu dus ook een nieuwe afzetmarkt aangeboord. “Tijdens de crisis voerden we in India geen werk meer uit voor Nederlandse klanten, maar wel voor klanten uit de VS, Groot-Brittanië, Ierland, Australië en Nieuw-Zeeland. Inmiddels gaat er wel weer Nederlands werk naar India.”

Ruim tweeduizend Indiase CV’s per maand

Van Boxsel heeft nu twintig man in dienst in Nederland en twintig in India. En als de vraag groeit kan het bedrijf makkelijk opschalen. “Onze capaciteit is feitelijk oneindig,” zegt Van Boxsel. Maandelijks krijgen we tweehonderd Indiase cv’s opgestuurd – en dat zonder te adverteren! Als we mensen nodig hebben, pikken we de beste 5 CV’s van afgelopen maand eruit en gaan we met hen in gesprek.”

Bedrijfscultuur

Van Boxsel streeft ernaar om de Nederlandse bedrijfscultuur zoveel mogelijk over te brengen in India. “Onlangs hebben we gevierd dat een collega van ons 12,5 jaar in dienst is. Voor India is dat vrij uniek. Anderzijds hebben we ook last van personeelsverloop. Indiërs houden ervan om alle opties open te houden. Wat we doen om mensen te behouden? Het belangrijkste is om vertrouwen uit te stralen: op tijd betalen en iedereen goed behandelen. Laatst kreeg een medewerker in zijn eerste week een ongeluk. Hij vreesde voor zijn baan. Maar natuurlijk ontslaan we zo iemand niet. Het hele team ziet hoe we zo iemand steunen en goed behandelen. Dat schept vertrouwen.”