Nieuwe ambassadeur in India richt zich vooral op business

 

De politieke relatie tussen India en Nederland is uitstekend. Marten van den Berg, de nieuwe Nederlandse ambassadeur in India, houdt zich vooral bezig met de sociaal-economische samenwerking tussen Nederland en India. “We proberen optimale omstandigheden te creëren voor Nederlandse bedrijven om te investeren in India.”

Ambassadeur Marten van den Berg (foto: NL Ambassade New Delhi)

Ambassadeur Marten van den Berg (foto: NL Ambassade New Delhi)

Geen vreemde

De nieuwe Nederlandse ambassadeur in New Delhi is bepaald geen vreemde in India. Dertig jaar geleden bezocht Marten van den Berg India al als toerist. “Ik kwam midden in de nacht aan op het oude vliegveld van Delhi,” herinnert hij zich. “Ook toen barstte het al van de mensen, maar de armoede was een stuk groter dan tegenwoordig.” Het afgelopen decennia leidde Van den Berg geregeld handelsmissies naar het subcontinent vanuit het Ministerie van Economische Zaken en het Ministerie van Buitenlandse Zaken. “Ik denk dat ik in totaal zo’n vijftien keer in India ben geweest.” 

Flinke omslag

Nu ambassadeur Van den Berg in India woont, bevalt hem dat uitstekend. “De diversiteit van het land, de fascinerende cultuur, de hartelijkheid van de mensen: India is een geweldig land.” Zijn functie als ambassadeur, voor het eerst in zijn carrière, betekent wel een flinke omslag. “We leiden hier een totaal ander leven dan in Den Haag. Werk en privé lopen door elkaar heen: in de residentie in New Delhi worden voortdurend allerlei sociale activiteiten en inhoudelijk workshops georganiseerd.” Daarnaast is de ambassadeur veel op pad. Mumbai, Chennai, Hyderabad, Lucknow, Bangalore. “En in december was ik in Odisha bij het WK Hockey. Helaas verloor Nederland de finale.”

Medewerkers van de Nederlandse Ambassade in New Delhi (foto: NL Ambassade New Delhi)

Medewerkers van de Nederlandse Ambassade in New Delhi (foto: NL Ambassade New Delhi)

Economische samenwerking centraal

Van den Berg houdt zich voornamelijk bezig met het verbeteren van de sociaal-economische samenwerking tussen India en Nederland. “Dat vormt het hart van onze agenda, want heikele politieke issues zijn er niet.” In die sociaal-economische samenwerking staan de 17 ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties  centraal. Deze zogenaamde SDG’s vormen niet alleen de leidraad voor Minister Kaag van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, maar zijn ook het uitgangspunt van de Indiase overheid. Van den Berg: “Beide landen hebben echt een gezamenlijke agenda om bijvoorbeeld honger de wereld uit te helpen, betaalbare en schone energie te realiseren, gender gelijkheid te bevorderen en voor schoon water te zorgen. Het is geen eenrichtingsverkeer.”

Nederland en India hebben elkaar zoveel te bieden.

Business case

Welke rol speelt de Nederlandse ambassade in New Delhi daarbij? “Wij brengen bedrijven en kennisinstellingen bij elkaar en ontwikkelen samen business cases waar partijen op in kunnen stappen,” zegt Van den Berg. “Het afvalprobleem in Indiakan worden aangepakt met Nederlandse kennis op gebied van recycling en het winnen van energie uit afval. Met behulp van Nederlandse expertise kunnen we ook een bijdrage leveren aan betaalbare gezondheidszorg voor alle Indiërs. En Nederlandse instituten als de TU Delft en Deltares kunnen ook heel goed helpen bij het voorkomen van overstromingen zoals vorig jaar in Kerala.” De vraag is: hoe zorg je ervoor dat Nederlandse bedrijven en instellingen dat ook daadwerkelijk doen? “Wij proberen optimale omstandigheden te creëren voor bedrijven om te investeren in India. Dat doen we door hen met de juiste partijen in contact te brengen, maar soms ook door risicokapitaal te verstrekken. Wanneer er een goede business case ligt, zijn private investeerders best bereid om in te stappen, merken we.” 

Investeringsklimaat

Het investeringsklimaat in India is onder de huidige Indiase regering stevig verbetert, blijkt uit de Ease of Doing Business Index van de Wereldbank. Van den Berg plaatst wel een kanttekening bij die lijst. “De Wereldbank meet alleen in New Delhi en Mumbai. De verschillen binnen India zijn groot.” Bovendien is het de vraag of het hervormingsbeleid van de huidige regering de komende jaren wordt doorgezet: over een paar maanden gaat India naar de stembus. “De oppositie doet het beter dan vorig jaar werd verwacht, maar het lijkt erop dat regeringspartij BJP alsnog zal winnen. Maar je weet het nooit, in de laatste maanden voor de verkiezingen kan er nog van alles gebeuren. Het wordt spannend.”

Jaarlijkse bezoek

Van den Berg denkt niet dat een eventuele machtswisseling in New Delhi veel invloed zal hebben op de samenwerking tussen Nederland en India. “De relatie tussen Nederland en India is al jaren uitstekend. Premier Rutte was in 2015 en 2018 in India en Modi bezocht Nederland in 2017. Ze hebben afgesproken om elkaar jaarlijks te ontmoeten. Het lijkt me verstandig om daaraan vast te houden: Nederland en India elkaar zoveel te bieden hebben.”

 

Steeds meer buitenlandse bedrijven produceren in India

 

Dik vier jaar geleden lanceerde de regering Modi de Make in India campagne om buitenlandse maakbedrijven te lokken. Wat heeft het opgeleverd? 

Make-in-India

Atypische economie

De Indiase economie heeft zich de afgelopen dertig jaar atypisch ontwikkeld. Doorgaans ontwikkelen landen eerst de landbouw, dan de maakindustrie en vervolgens de dienstensector, maar India legt die route andersom af. Vanaf het moment dat India in 1991 zijn economie opende voor de buitenwereld, groeide het land uit tot hotspot voor software ontwikkeling en business process outsourcing. Diensten dus. Ondertussen bleef de Indiase landbouw en de maakindustrie ver achter. In het boekjaar 2013-2014 toonde de Indiase maakindustrie zelfs negatieve groei.  

Aantrekkelijk maakland

Voldoende aanleiding voor de Indiase premier om in 2014 een grootschalige Make in India campagne te lanceren met als doel om India om te vormen tot een aantrekkelijk maakland. Met het elimineren van onnodige wet- en regelgeving en allerhande incentives wil India internationale bedrijven aantrekken die in India komen produceren. Doel: werkgelegenheid creëren, met name voor ongeschoolde Indiërs. “I want to tell the people of the whole world: Come, make in India,” zei premier Modi tijdens zijn Onafhankelijkheidstoespraak op 15 augustus 2014. “Come and manufacture in India. Go and sell in any country of the world, but manufacture here. We have skill, talent, discipline and the desire to do something. We want to give the world an opportunity to come make in India.”

Waarom produceren in India

Behalve de hervormingen en incentives die hieronder uitvoeriger worden besproken, laten Indiase ministers en ambtenaren geen gelegenheid onbenut om te benadrukken hoe interessant het is om in India te produceren. Daarbij wijzen ze natuurlijk op de overvloed aan arbeidskrachten die, zelfs vergeleken met China, goedkoop zijn. Ook de jonge beroepsbevolking van India– de gemiddelde leeftijd is 27,6 jaar – die relatief goed is opgeleid en Engels spreekt, geldt als belangrijk argument om buitenlandse maakbedrijven naar India te halen. Ten slotte staat India in tegenstelling tot China bekend om zijn hoogwaardige productie.

Versoepelde FDI-wetgeving

De Make in India-campagne bestrijkt maar liefst 25 sectoren: automotive, luchtvaart, chemicaliën, IT & Business process management (BPM), farmaceutische producten, bouw, defensie-productie, elektrische machines, voedselverwerking, textiel en kleding, havens, leer, media en entertainment, wellness, mijnbouw, toerisme, spoorwegen, automobiel-componenten, hernieuwbare energie, biotechnologie, ruimte, thermische energie, wegen en snelwegen en elektronische systemen. Zo’n beetje alles dus. Buitenlandse investeerdersdie in een van de hierboven genoemde sectoren willen investeren hebben geen toestemming meer nodig van de Reserve Bank of India en/of de Indiase overheid. Dit staat bekend als de automatic routevoor FDI, in tegenstelling tot de approval routewaarvoor specifiek toestemming verkregen moet worden. De automatic routescheelt bedrijven uiteraard een hoop tijd en bureacratische romslomp.

Brede hervormingen

Naast de versoepelde FDI wetgeving heeft de Indiase overheid tal van andere hervormingen doorgevoerd om buitenlandse maakbedrijven naar India te halen, zoals het elimineren van de minimumkapitaalvereiste voor startende bedrijven, de introductie van online portals (zoals eBiz, Sharam Suvidha), kortere en digitale procedures voor het starten van een bedrijf en de introductie van e-visa. Daarnaast zijn er de afgelopen jaren verschillende wetten aangenomen waarvan vrijwel alle sectoren profiteren. De Goods & Services Tax Billen de Direct Taxes Code Billleiden bijvoorbeeld tot meer transparantie en uniformiteit voor buitenlandse investeerders. Maar de belangrijkste wet in dit opzicht is de Land Acquisition Bill die de tweeledige doelstellingen van sociale rechtvaardigheid en industriële ontwikkeling promoot. 

Incentives

De Indiase overheid maakt het niet alleen makkelijker om in India te produceren, maar ook goedkoper. Hieronder een greep uit de incentives:

  • Sectorspecifieke incentives: Om de productie van elektronica in India te stimuleren, biedt de centrale overheid een subsidie van maximaal 25% voor een periode van 10 jaar.

  • De overheid verstrekt een extra afschrijvingsvergoeding van 15 procent voor productiebedrijven die meer dan 1 miljard roepies (bijna 15 miljoen dollar) in fabrieken en machines investeren.

  • Er zijn verschillende incentives in het kader van de wet op de inkomstenbelasting, onder andere bijvoorbeeld aftrek gelijk aan 30% van de extra lonen betaald aan nieuwe reguliere medewerker in dienst van een bedrijf met meer dan 50 werknemers.

  • Incentives exporteren: In het kader van het buitenlandse handelsbeleid is de export voorzien van verschillende incentives zoals teruggave van douanerechten, regelingen voor kwijtschelding van belasting op inputs die in het exportproduct worden gebruikt, enz.

  • Incentives op deelstaatniveau: elke deelstaat biedt specifieke incentives voor industriële projecten. Sommige van de deelstaten hebben ook een afzonderlijk beleid voor verschillende sectoren en speciale stimuleringspakketten voor megaprojecten.

Resultaten

Het versoepelen van de FDI-regels zorgde ervoor dat India in de periode tussen april 2014 en februari 2018 dik 150 miljard dollar aan FDI (Foreign Direct Investment) zag binnenkomen. Volgens een rapport van zakenbank UBS zal dit de komende vijf jaar oplopen tot 75 miljard dollar per jaar.Deel hiervan betreft investeringen in de Indiase dienstensector, zoals de fusie tussen Vodafone en de Indiase telecomaanbieder Idea en de spraakmakende miljardenovername van e-commerceplatform Flipkart door het Amerikaanse Wallmart. Daarnaast klopten o.a. Ikea en Apple aan de poort om in India te gaan produceren. In de langverwachte eerste Indiase Ikeadie in augustus openging in Hyderabad is 20% van het assortiment in India gemaakt. Ikea zal de lokale productie de komende jaren gestaag opvoeren tot 50%. Apple wil hun nieuwe iPhones in India gaan produceren, maar dan moet de verkoop in Indiawel aanslaan.

Productiehubs 

Onderstaande productiehubs hebben de laatste jaren grote buitenlandse bedrijven aangetrokken:

  • Greater Noida (Uttar Pradesh)

India’s beste autoproductiehub. De locatie en connectiviteit, aan de rand van de hoofdstad New Delhi, heeft grote internationale bedrijven aangetrokken zoals Yamaha, Honda Siel Cars en LG Electronics India.

  •  Nashik (Maharashtra)

Gelegen op ongeveer drie uur rijden ten noordoosten van Mumbai, heeft elektrotechnische en auto-componenten industrieën. Deze locatie is goed verbonden met twee wegen en landingsbanen, maar beschikt niet over een luchthaven.

  •  Manesar (Haryana)

Ongeveer een uur rijden ten zuidwesten van New Delhi. Manesar is een favoriet auto-onderdelen productiecentrum. Het is goed verbonden met wegen en spoorwegen. Er is een hervorming van de infrastructuur aan de gang om productiecapaciteit te vergroten.

  • Hospet (Bangalore)

Gelegen in het zuiden van India op ongeveer vijf uur rijden ten noorden van Bangalore. Hospet is een belangrijk centrum voor de productie van staal en ijzer. De stad heeft recent enorme investeringen aangetrokken die de productiecapaciteit ongetwijfeld zullen vergroten.

  •  Aurangabad (Maharashtra)

Gelegen op ongeveer zes uur rijden ten oosten van Mumbai is de productiehub voor grote farmaceutische bedrijven.